Home

Go No Sen:

Artikels-Filmpjes

Trainingen:

Karate:

Beginners:

Activiteiten:

Fotos/Photos

Gastenboek

Links:

Stage's/Courses

Examenprogramma

G-karate

Bio sensei Bortels E

 

Biografie Sensei Eric Bortels


 

 

 

Op 15 jarige leeftijd, in 1981, zette Sensei Eric Bortels de stap naar karate. In de club van Sensei Dirk Heene en Sensei Dimitra Limneos kwam hij snel tot de conclusie dat dit hetgeen was waarnaar hij op zoek was. Zijn enthousiasme was bijzonder groot voor de lessen en trainingen van Sensei Dirk Heene, die een hele weg had afgelegd in het aanbrengen van karate op een evolutionaire methode.

 

In 1996 koppelde hij zich los van deze club om verdere groeimogelijkheden te exploreren in een eigen club in Zonhoven, verder bouwend op de kennis, vaardigheden en filosofie van Sensei Dirk Heene. Dit liep in eerste instantie niet van een leien dakje. Zijn doel was een “Karate Academie” uit de grond te stampen dat ruimere inzichten zou verschaffen en verder zou gaan dan enkel het aanbieden van lessen in karate.

 

Na vallen en opstaan vormt zich uiteindelijk een groep die deze visie deelt en waar Sensei Eric mee kon samenwerken om zijn doelstellingen na te streven. Dit is uiteraard een vervolmakingproces dat steeds in verdere evolutie is. Op inhoudelijk vlak volgde Sensei Dirk Heene de richting van Sensei Kase.  Hier kon ook Sensei Eric zich volledig in terugvinden. Sensei Kase was een man die het karate op een ander, hoger niveau bracht en durfde praten over omgaan en aantrekken van energie: iets waar 20 jaar geleden, maar ook vandaag nog, op vele plaatsen in de karatewereld niet over gepraat werd, alsof dit altijd een taboe was geweest.

 

En in feite lag ditzelfde element ook bij Bodhidharma aan de basis van zijn visie, toen hij omstreeks 500 na Chr. vanuit India, de krijgskunsten naar monniken in China bracht. Het maakte essentieel deel uit van één van de wegen om je weg te verruimen naar spiritueel inzicht. De meeste hedendaagse trainers zijn dit ondertussen vergeten. Sensei Eric heeft de weg van Sensei Kase gevolgd tot aan zijn dood in 2005. Zijn vierde dan behaalde hij in 1999 nog onder het waakzaam oog van Sensei Kase.

 

Sinds september 2011 heeft  de vzw GO NO SEN zich aangesloten bij de Federatie JKS  (Japanse karate Shoto Renmei). Sensei Eric kan zich goed vinden in deze strekking, daar zij ook met mindervaliden werken. Hiervoor had Sensei Asai zelf al een aangepast programma opgesteld.  Mede dankzij  Mercedes Gaton, Doi Sensei uit Japan en Paul Giannandrea (JKS Schotland) is Eric hiermee in aanraking gekomen en aangesteld als technisch directeur voor België. Eric Bortels behaalde in december 2011 zijn 5de dan in Tokyo (Japan) voor een jury van 4, 8ste dan’s waaronder Kagawa Sensei.

 

Deze visie, ervaringen en vaardigheden werpen hun vruchten af zodat momenteel  de “Karate Academie GO NO SEN” actief is op vier locaties in Zonhoven, Houthalen, Zolder en Kuringen. Daarnaast is deze grote groep ook actief in jaarlijkse uitwisselingen met Engeland (Sensei Ken Button), met Schotland (Sensei John Craigh-Elgin en Paul Giannandrea-Edinburgh), met Spanje (Doi Sensei-Madrid en Juan Carlos Hernandez - Avila) en met  Japan (Federatie JKS).

 

GO NO SEN koppelt het karate aan de uitwisseling van vriendschap, natuur en cultuur. Niet in het minste voor de kinderen van de club, vormt deze methodiek een pedago-gische en leerrijke troef. Dankzij computer en internet blijven de kinderen ook na de uitwisselingen contact houden met hun leeftijdsgenoten in Engeland, Schotland en Spanje. Hiermee draagt GO NO SEN ook bij tot de verdere evolutie van het karate als een karaktervormend en sterk pedagogisch instrument. GO NO SEN streeft inderdaad sterk naar persoonlijkheidsontwikkeling door karate en dit via meerdere invalshoeken:

 

voor de karateka:

-          het juist toepassen en beheersen van de ademhaling, inclusief buikademhaling;

-          de KIAI (= energie)kreet op een juiste en efficiënte manier aanwenden;

-          het verbeteren van de coördinatiemotoriek, zowel links als rechts;

-          het aanscherpen van de reactievermogens;

-          helpen bij structuurinzicht en Umweltverduidelijking, zowel binnen de strikte    
           karateoefening als erbuiten;

-          het aanwakkeren van beweging in het algemeen, als  sportbeoefening in het bijzonder;

-          verhogen van expressievermogen voor introverten;

-          controlebeheersing voor extraverten;

-          zelfduiding van het aangeleerde, zowel fysiek als mentaal;

-          geconcentreerd leren handelen.

 

Maar ook voor de lesgever:

-          idem als hierboven,

           maar daarenboven

-          hulp bij de structuurvorming qua lesgeven;

-          het zelf aangeleerde juist en efficiënt verder aanleren, zoals assertiviteit,
           zelfbewustheid,omgaan met druk en stress, enz. ;

-          het oplossen van individuele en ev. groepsprobleemsituaties;

-          risico’s leren inschatten vs moed betonen;

-          agressie uit de weg leren gaan en verdedigend optreden;

-          de algemene filosofie van de karate overbrengen;

-          respect leren opbrengen voor zichzelf en de anderen.

 

Sensei Eric is er nl. meer dan ooit van overtuigd dat het algemeen & psycho-pedagogisch nut van het beoefenen van een martiale sport en karate in het bijzonder meer een meer aan belang zal winnen. Samen met hem, geloven zij die hem volgen,  in de kracht van een krijgskunst en zo durven wij de vraag te stellen:
 

‘Maakt krijgskunst daadwerkelijk agressief of is een onderliggende psycho-pedagogische waarde evident?’ 
 

Wij hebben het op dit vlak over alle gevechtssporten van zowel Oosterse als Westerse oorsprong. Er bestaan meer dan 80 verschillende vormen in België, elk met hun eigen regels en technieken. De populairste vormen zijn: karate-do, taekwondo, judo, kickboksen, aikido, boksen en worstelen. Het grote aantal bewijst op zich al de interesse die voor krijgskunsten in het algemeen, bestaat.

Er is echter een groot verschil tussen de traditionele Oosterse krijgskunsten en de modernere Westerse. Binnen de Westerse krijgskunst staat het competitie-element centraal: het hoogst haalbare in die sportbeoefening is een Olympische medaille.

Binnen de traditionele krijgskunsten staat de persoonlijke ontwikkeling centraal: het gaat niet om het verslaan van een externe opponent, maar om het verslaan van de interne tegenstander. In de regel omvat elke krijgskunst in meer of mindere mate een pedagogische basis.  Dit pedagogisch fundament wordt als vertrekpunt genomen bij de inzet van de sport als instrument. Twee fundamentele elementen vormen dus van meetafaan het verschil: de competitie en de tegenstander.

 

Karate beoogt op zich geen competitie en is niet gericht tegen een tegenstander, tenzij je eigen zelf. Daarom juist zijn de krijgskunsten te gebruiken als een pedagogisch instrument. De wetenschap onderkent in hoofdzaak de psychosociale effecten van de beoefening van de krijgskunst op de vorming van jongeren (en volwassenen). Er wordt algemeen door wetenschappers aanvaard dat krijgskunsten een positief effect hebben op de vorming van jongeren op het gebied van zelfvertrouwen, zelfbeeld(vorming), sociaal gedrag, persoonlijke groei, zelfacceptatie en weerbaarheid.
 

Kan krijgskunst dan ook agressie verminderen?

Wetenschappers hebben veelvuldig onderzoek gedaan naar de relatie tussen krijgskunst en agressie. In de beeldvorming van krijgskunst is dit een sterke associatie waarmee een buitenstaander gemakkelijk een negatieve relatie kan veronderstellen.

Is dat in de praktijk ook zo? Veel krijgskunstbeoefenaars zullen het kalmerend en agressie-regulerend effect van krijgskunstbeoefening onderkennen. Zij ondervinden het aan den lijve. Een buitenstaander kan dat niet. Het beoefenen van karate is een vinden van zichzelf door de beleving van je lichaam, ademhaling, bewegingen en houdingen. De waarden eerlijkheid, hoffelijkheid, moed, respect en zelfcontrole staan hoog in het vaandel, en naar ons gevoelen basisopvoedingswaarden die fundamenteel eigen zijn aan de westerse maatschappij, hoewel zij momenteel in de vergeethoek raken. 

 

De resultaten van het onderzoek zijn weliswaar vooral gebaseerd op zelfrapportage van jonge krijgs-kunstenaars, hun ouders en trainers, maar bieden voldoende ondersteuning voor het vaststellen van een algemeen positief resultaat. De onderzoekers concluderen dat de overeenstemming die er is tussen de kwantitatieve resultaten en de verschillende onderzochte groepen (trainers, hulpverleners en jongeren zelf) en de ondersteuning daarvan op kwalitatieve bevindingen, voldoende aanleiding geeft om tot een positieve conclusie te komen (vechtsport in relatie tot agressieregulatie en educatief).

 

Verder is Sensei Eric overtuigd van de educatieve waarde en hogere ontwikkelings-potentie door het beoefenen van karate. Uit het voorgaande is namelijk de psycho-educatieve waarde nauwelijks te overschatten.  Veel trainers steken de lof over een hoger ontwikkelingsmogelijkheid via karate vanuit de balans die er heerst tussen het opwekken en aantrekken van energie en denken. De passiviteit van het Westers opvoedingssysteem, waarbij de kinderen en leerlingen gedwongen worden, stilzittend de leerstof te aanhoren en te verwerken, wringt met de jeugdige energie, die zich nauwelijks weet te kanaliseren en het denken affecteert en vaak op hol doet slaan; wij spreken dan onterecht van hyperkinesie of adhd. Terwijl het precies een congruent samengaan kan zijn als denken en beweging samengevoegd, een harmonieus en ideaal ontwikkelingsproces zou kunnen zijn; d.i. karate met een volwaardige en ‘normale’

verplaatsing van de energie van het denken naar de beweging, én een denken naast een beweging. Denken en bewegen samen resulteren in een hogere gevoeligheid. Indien dit gebeurt is dit te wijten aan de hogere belasting van het denken en handelen, waardoor lichaamsreflexen verminderd worden. Eigenlijk een eeuwenlange betrachting in de Westerse filosofie waarbij denken én handelen, volwaardige partners dienen te zijn of te worden in de ethische betekenis van een mensenleven.